"Ruego" is een zelfstandig naamwoord in de Spaanse taal. Het is de eerste persoon enkelvoud van de vervoeging van het werkwoord "rogar", wat "bidden" of "verzoeken" betekent.
/rwe.ɣo/
In het Spaans betekent "ruego" een verzoek of een smeekbede. Het wordt vaak gebruikt in contexten waarin iemand heel dringend om iets vraagt of waar een gevoel van noodzaak achter schuilgaat. De gebruiksfrequentie van "ruego" is relatief hoog in zowel mondelinge als schriftelijke contexten, vooral in formele en juridische teksten.
Vertaling: Ik deed een verzoek aan de beheerders om mijn voorstel in overweging te nemen.
Ejemplo 2: Su ruego fue escuchado por el juez durante la audiencia.
In het Spaans zijn er enkele idiomatische uitdrukkingen waarin "ruego" voorkomt. Dit woord is echter minder gebruikelijk in specifieke uitdrukkingen en wordt meestal in directe context gebruikt.
Vertaling: Het is geen verzoek, het is een eis.
Ejemplo 2: Su ruego cayó en oídos sordos.
Het woord "ruego" stamt af van het Latijnse "rogare", wat "vragen" of "aanvragen" betekent. De evolutie van de betekenis heeft geleid tot de hedendaagse connotatie van een dringend verzoek.