tic - betekenis, definitie, vertaling, uitspraak
Diclib.com
Woordenboek ChatGPT

tic (spaans) - betekenis, definitie, vertaling, uitspraak


Woordsoort

Het woord "tic" is een zelfstandig naamwoord in het Spaans.

Fonetische transcriptie

De fonetische transcriptie van "tic" in het Internationaal Fonetisch Alfabet (IPA) is /tik/.

Vertaalopties voor Nederlands

De vertaling van "tic" naar het Nederlands is "tic", en het verwijst in beide talen naar een onwillekeurige beweging of geluid dat herhaaldelijk optreedt.

Betekenis en gebruik

In het Spaans verwijst "tic" meestal naar een onwillekeurige spierbeweging of een herhaaldelijke geluidsuitstoot die soms wordt geassocieerd met bepaalde neurologische aandoeningen, zoals het syndroom van Tourette. Het kan ook in bredere zin worden gebruikt om onwillekeurige gedragingen of gewoonten aan te duiden. Het woord "tic" heeft een frequente aanwezigheid in de dagelijkse spreektaal, vooral in medische contexten of bij gesprekken over gezondheid en psychologie.

Voorbeeldzinnen

Idiomatische uitdrukkingen

Het woord "tic" wordt minder vaak gebruikt in idiomatische uitdrukkingen, maar hier zijn enkele zinnen die het woord bevatten in een bredere context:

Etymologie

Het woord "tic" heeft zijn oorsprong in het Franse woord "tic", dat afkomstig is van het mogelijk Middelfranse woord "tiquer", wat "knippen" of "schrijven" kan betekenen. De term is ontwikkeld in de medische terminologie om de onwillekeurige bewegingen of geluiden die mensen kunnen maken te beschrijven.

Synoniemen en antoniemen

Synoniemen

Antoniemen



23-07-2024